Op woensdag 2 september 2020 nam Adjudant-onderofficier van de Mariniers Algemeen R.H.A. (Rob) van Haastrecht de functie van Krijgsmachtadjudant over van Nico Spierenburg. De ceremonie was op de Koninklijke Militaire School in Ermelo, de bakermat van de onderofficier.

Met deze functiewissel is geschiedenis geschreven, voor het eerst is het een Marinier die de nestel van Krijgsmachtadjudant draagt.

Van Haastrecht refereerde eraan in zijn toespraak:

“Het zal u niet ontgaan zijn dat ik marinier ben. Daar zijn nogal wat vooroordelen over. Ik noem er een paar….”Velen voelen zich geroepen, slechts weinigen zijn uitverkoren”…..Ze nemen ze het niet zo nou met de regelgeving, regelen en ritselen van alles bij elkaar, gaan door waar anderen stoppen….en ze willen niet verhuizen…..

En om daar maar meteen duidelijk over te zijn..…..ze kloppen bijna allemaal. Wat je er ook van vindt….er spreekt ambitie uit. Maar ik kan u ook vertellen dat ze niet exclusief zijn voorbehouden aan de mariniers”.

De afgelopen weken ben ik in voorbereiding op deze functie op bezoek geweest bij diverse eenheden en onderdelen. Zoals de staf van CLAS, de  SERE school van CLSK, het OTC van de Marechaussee, bij DMO in Utrecht, het MRC in Doorn, het KPU in Soesterberg. Die vooroordelen waar ik net over sprak zie ik overal wel terugkomen. Ik kwam daar onder meer de volgende kreten tegen; “vandaag zijn we beter dan gisteren en morgen beter dan vandaag”, “ondersteunen is onze missie”, “een team, een taak”, ”wij maken verbinding tussen willen en kunnen”, “elk moment, elke missie”. Daar spreekt ambitie uit.

Mensen die trots zijn op hun dienstvak, trots op hun eenheid, onderdeel en identiteit. Die het maximale eruit halen. Die allemaal bezig zijn om  Defensie beter te maken. En zo moet het ook zijn. We zijn allemaal  onderdeel van een bedrijf met voor iedereen een eigen rol. Ik geloof in een krijgsmacht waarin we elkaar versterken”. 

In zijn speech liet van Haastrecht duidelijk merken dat hij zich breed gesteund weet:

Ik sta hier nu als jullie nieuwe KA en ben blij dat ik hiervoor het vertrouwen heb gekregen van de CDS, van de krijgsmachtdeeladjudanten en de DO adjudanten! Admiraal, in de gesprekken die we de afgelopen periode hebben gevoerd is gebleken dat u grote waarde hecht aan de positie van de OOFF naast de commandant. Ik kijk uit naar onze samenwerking.

Ik refereerde al even naar mijn militaire afkomst en sluit af met een quote van een collega, Rob, je bent herkenbaar aan je uniformbroek, donkerblauw, (de kleur van de KM) met een rode bies, (de kleur van de infanterie), als je die twee kleuren mixt krijg je paars”

Duidelijk liet de nieuwe Krijgsmachtadjudant ook zijn ambitie blijken:

“Beschermen van het eigen grondgebied en dat van onze bondgenoten. Als het niet kan zoals het moet, dan moet het maar zoals het kan. Dat moeten we onze mensen bijbrengen, tijdens opleidingen, trainingen en voorbereidingen op missies. Onlosmakelijk daarmee verbonden is leiderschap, op alle niveaus, maar mijn focus ligt dan echt op jr. leadership. Het zijn onze jonge mensen die in het veld, in de lucht of op het water voor moeilijke beslissingen staan. Die moeten we goed voorbereiden, Daarbij moeten we openstaan voor andere inzichten, nieuwe (opleidings) systematieken, zonder de kennis en ervaring van de senior onderofficier met het badwater weg te spoelen”.

Ook admiraal Bauer sprak zijn vertrouwen uit in de nieuwe Krijgsmachtadjudant:

“Je wordt de zevende krijgsmachtadjudant. De eerste met een rode bies. In deze functie ben je vakman, leider en instructeur van circa 18.000 onderofficieren. Als onderofficier op Plein 4 vorm je een cruciale schakel. Ik heb er alle vertrouwen in dat jij deze bijzondere functie heel goed zult vervullen. Met je hoofd bij de besluitvorming aan de top… met beide benen ferm op de werkvloer… en met je hart bij de hele organisatie. Ik kijk erg uit naar onze samenwerking. Heel veel succes en vooral ook plezier. We gaan er samen wat moois van maken”.